Kennisbank · 6 min lezen
De 11 patronen van Gordon: wat zijn ze en hoe gebruik je ze?
De 11 patronen van Gordon zijn elf gezondheidspatronen waarmee je bij de anamnese de hele mens in beeld brengt: lichamelijk, psychisch en sociaal. Ze zijn bedacht door de Amerikaanse verpleegkundige Marjory Gordon. Je gebruikt ze bij de opname, de anamnese en het zorgplan.
Wat zijn de 11 patronen van Gordon?
De 11 patronen van Gordon zijn gezondheidsbeleving en -instandhouding, voeding en stofwisseling, uitscheiding, activiteiten, slaap en rust, cognitie, zelfbeleving, rollen en relaties, seksualiteit en voortplanting, stressverwerking, en waarden en overtuigingen. Marjory Gordon noemde ze functionele gezondheidspatronen: een vaste indeling om gegevens over een patiënt te verzamelen, los van de medische diagnose.
De patronen staan op de achterkant van de kaart SOAP en 11 patronen van Gordon, genummerd van 1 tot en met 11 en met per patroon wat erbij hoort. Op de voorkant staat SOAP, de manier waarop je daarna rapporteert.
Wanneer gebruik je de patronen van Gordon?
Bij de verpleegkundige anamnese: als een patiënt wordt opgenomen, bij het eerste bezoek in de wijkverpleging en bij een nieuwe bewoner in het verpleeghuis. Je loopt de elf patronen langs, in gesprek met de patiënt en de naasten en met wat je zelf ziet. Zo vind je ook wat niet met de opnamereden te maken heeft, maar wel met de zorg die iemand nodig heeft.
Op de opleiding kom je de patronen tegen bij het maken van een zorgplan en een casusopdracht op stage. De indeling helpt dan om een gesprek met een patiënt te ordenen en om te laten zien dat je niets hebt overgeslagen.
De 11 patronen van Gordon een voor een
Per patroon de omschrijving van de kaart, met een verzonnen voorbeeld van wat je daaronder noteert.
1. Gezondheidsbeleving en -instandhouding
Wat erbij hoort: Gezondheid in relatie tot huidige en toekomstige activiteiten.
Voorbeeld: Weet sinds een jaar van zijn diabetes, meet thuis zelf zijn glucose.
2. Voeding en stofwisseling
Wat erbij hoort: Inname vocht en voedsel, huiddefecten, genezing, toestand van huid, haar, nagels, slijmvliezen en gebit, temperatuur, lengte en gewicht.
Voorbeeld: Eet sinds een week de helft van haar maaltijden, gebitsprothese zit los, gewicht 61 kg.
3. Uitscheiding
Wat erbij hoort: Uitscheidingsfunctie van darmen, blaas en huid.
Voorbeeld: Laatste ontlasting drie dagen geleden, plast vaker kleine beetjes.
4. Activiteiten
Wat erbij hoort: ADL-activiteiten, belemmerende factoren, vrijetijdsbesteding en recreatieve activiteiten.
Voorbeeld: Wast zich zittend aan de wastafel, loopt met een rollator, gaat graag naar de dagbesteding.
5. Slaap en rust
Wat erbij hoort: Slaap, rust en ontspanning verspreid over het etmaal.
Voorbeeld: Slaapt slecht sinds het overlijden van haar man, doet overdag twee keer een dutje.
6. Cognitie
Wat erbij hoort: Waarnemen, informatie verwerken, leren, denken en problemen oplossen, pijnzin, taalvermogen, geheugen, oordeelsvermogen en besluitvorming.
Voorbeeld: Draagt een bril, vergeet afspraken van dezelfde dag, geeft pijn aan met een 6.
7. Zelfbeleving
Wat erbij hoort: Zelfbeeld, identiteit, gevoel van eigenwaarde, emoties, lichaamshouding, motoriek, oogcontact, stem en spraak.
Voorbeeld: Zegt dat hij zich nutteloos voelt sinds hij niet meer kan werken, maakt weinig oogcontact.
8. Rollen en relaties
Wat erbij hoort: Rollen en verantwoordelijkheden m.b.t. familie, gezin, werk en sociale relaties.
Voorbeeld: Zorgt thuis voor haar man met dementie, dochter woont in de buurt.
9. Seksualiteit en voortplanting
Wat erbij hoort: Relaties, seksualiteitsbeleving, voortplanting, vruchtbaarheid en maturiteitsfase.
Voorbeeld: In de overgang, wil liever een vrouwelijke zorgverlener bij de wasbeurt.
10. Stressverwerking
Wat erbij hoort: Reserve, draagkracht, coping-mechanismen, steun en vermogen om macht over een situatie uit te oefenen.
Voorbeeld: Piekert over de operatie, praat erover met zijn broer.
11. Waarden en overtuigingen
Wat erbij hoort: Waarden, normen, doelstellingen en overtuigingen.
Voorbeeld: Is moslim en vast tijdens de ramadan, wil overleg over het tijdstip van de medicatie.
Gratis anamneseformulier volgens Gordon
Wil je de anamnese op papier doen of oefenen voor je stage, print dan het anamneseformulier volgens de 11 patronen van Gordon (pdf). Het heeft elf vakken in de volgorde van de kaart, met de omschrijving per patroon en ruimte om te noteren. Een ingevuld voorbeeld en de andere stageformulieren staan bij de stageformulieren.
Een patroon zonder bijzonderheden
Je hoeft niet onder elk patroon veel te schrijven. Is er niets bijzonders, noteer dat dan kort. Zo ziet de volgende collega dat je het patroon wel hebt nagelopen.Van patroon naar rapportage
De patronen helpen je bij het verzamelen, de rapportage bij het opschrijven. Vind je bij de anamnese een probleem, zoals iemand die slecht slaapt sinds de dood van haar man, dan schrijf je daar een rapportage over. Veel afdelingen gebruiken daarvoor SOAP-rapportage: wat de patiënt zegt, wat je ziet, wat je ervan denkt en wat je gaat doen.
- Opname: je loopt alle elf patronen langs.
- Daarna: je kijkt gericht naar de patronen die bij het probleem horen; bij slecht slapen zijn dat patroon 5 (slaap en rust) en 10 (stressverwerking).
- Overleg met de arts: je zet de gegevens in de volgorde van SBAR.
De kaart SOAP en 11 patronen van Gordon heeft beide kanten van dit werk bij de hand: de patronen op de achterkant, SOAP op de voorkant.
Veelgestelde vragen
Wat zijn de 11 patronen van Gordon?
De 11 gezondheidspatronen van Marjory Gordon zijn: gezondheidsbeleving en -instandhouding, voeding en stofwisseling, uitscheiding, activiteiten, slaap en rust, cognitie, zelfbeleving, rollen en relaties, seksualiteit en voortplanting, stressverwerking, en waarden en overtuigingen. Samen dekken ze de lichamelijke, psychische en sociale kant van een patiënt, zodat je bij de anamnese geen gebied overslaat.
Waarvoor gebruik je de patronen van Gordon?
Vooral voor de verpleegkundige anamnese bij een opname of een eerste bezoek in de wijk. Door de elf patronen langs te lopen, verzamel je gegevens over de hele mens en vind je problemen die je anders mist. Die gegevens gebruik je daarna voor het zorgplan en voor je rapportage, bijvoorbeeld in de vorm van SOAP.
Wie was Marjory Gordon?
Marjory Gordon was een Amerikaanse verpleegkundige en hoogleraar verpleegkunde. Zij beschreef de functionele gezondheidspatronen als een vaste indeling voor de verpleegkundige anamnese, onafhankelijk van de medische diagnose. Die indeling in elf patronen wordt in Nederland op veel verpleegkundige opleidingen en in zorgdossiers gebruikt.
Moet je bij elke patiënt alle elf patronen invullen?
Bij de opname loop je ze allemaal langs, ook als een patroon kort blijft, zoals 'geen bijzonderheden'. Daarna kijk je gericht naar de patronen die met het probleem van de patiënt te maken hebben. Welke vorm jullie dossier hiervoor gebruikt en hoe uitgebreid je noteert, spreekt je afdeling af.
Is er een formulier voor de anamnese volgens Gordon?
Ja, op deze pagina staat een gratis anamneseformulier volgens de 11 patronen van Gordon als pdf, met de elf vakken in de volgorde van de kaart en ruimte om te noteren. Werkt je afdeling met een eigen anamneseformulier of een vaste indeling in het elektronisch dossier, gebruik dan dat.


De kaart voor aan je uniform
Overdracht: SOAP en 11 patronen van Gordon
Alles uit dit artikel staat op deze kaart: 7 × 12 cm, afneembaar kunststof, met een clip aan je pak. Voor € 4,95, of als onderdeel van de Set van 5 (€ 23,95, clip inbegrepen) en de Pick & Click met twintig kaarten.
Werk je bij een leerhuis, opleiding of op een afdeling? Laat de SOAP & 11 patronen van Gordon-kaart op maat maken met jullie eigen afkapwaarden, belnummers en logo, of bestel de bestaande kaart voor het hele team tegen staffelprijs. Kaarten op maat · Zakelijk bestellen



